Ondanks het feit dat de conditie van de Heckrunderen in de Oostvaardersplassen eind april hard achteruit holde, was op dat moment volgens Staatsbosbeheer dat geen reden om bij te voeren. Volgens Staatsbosbeheer is het normaal dat na de winter de dieren hun vetreserves opgebruikt te hebben. Daar is Staatsbosbeheer op terug moeten komen. Vorige week woensdag gaf gedeputeerde Rijsberman aan, dat vanaf donderdagochtend de Heckrunderen gevoerd zouden worden. Body Condition Score
Een dierenarts heeft het advies gegeven dat de dieren bijgevoerd moeten worden. Zo wordt ook tweemaal per maand gekeken naar de lichaamsconditiescore, de BCS. Het is zo dat er gestart wordt met voeren als de gemiddelde BCS op 2 ligt.
Het laatste verslag van de controle van 259 Heckrunderen van 15 april gaf aan, dat er 11 procent in de laagste score zat (ofwel zeer mager) en 48 procent in score 2 (ofwel mager). Dit zou betekenen dat zo’n 59 procent van de Heckrunderen een slechte score hadden.
Te hoog
Ondanks het feit dat 59 procent van de dieren een slechte conditie heeft, zegt de gedeputeerde Rijsberman dat het gemiddelde cijfer eigenlijk nog te hoog is. Echter gezien de aanhoudende droogte is er toch voor gekozen om de dieren te gaan voeren.
In de voorgaande jaren is het bijvoeren maanden achter elkaar gedaan. Dit gebeurde tot de ganzen weer weg zijn, het gras goed groeit en de dieren weer op sterkte zijn. Op dat moment kan men ophouden met bijvoeren, alleen dat gaat niet van de ene op de andere dag.
De regen die uitblijft, brengt met zich mee dat de vegetatie niet snel groeit. Tevens vreten vele duizenden ganzen de graslanden kaal. De regel van het bijvoeren komt naast de maatregel om een gebied af te sluiten. Op die manier hebben de Heckrunderen een groter gebied om te grazen.
(Bronnen: Omroep Flevoland, lelystad.nieuws.nl)