
Vijfendertig jaar geleden kwamen ze naar Lelystad, misschien wat vreemd aangekeken, maar vanaf dat moment waren er biologische boeren in Lelystad. Maar het is niet altijd van een leien dakje gegaan. Was de gemeente in de jaren 80 nog voor deze boeren, in 2008 was het toch wat anders.
Zavelgrond
Aan de noordkant van Lelystad lag in de jaren 80 ruim 300 ha zavelgrond. Zavelgrond heeft iets van klei en van de zandgrond. Dit is misschien wel het meest makkelijk, want de grond is voedzaam en tegelijkertijd lekker om in te werken.
In feite is het een mengsel van klei- en zandgrond, waarbij zo’n 20 procent meer zand aanwezig is dan klei. Door de combinatie van de kenmerken van beide gronden is het de ideale grond voor planten en degene die het moet bewerken.
Bestemming
De grond had in het begin nog geen bestemming, waarna de gemeente het advies kreeg om er biologische boeren een plaats te gunnen. Dit met tegenzin van de Rijksdienst en de Dienst Domeinen, kwamen er toch 3 biologische boeren.
Zo kwamen de eerste tuinders in 1986 naar Lelystad Noord. Doordat de biologische tuinders veel overleg hadden, werden er serieuze kwaliteitseisen opgesteld. Daarna volgden distributiecentra en een voorlichtingscentrum voor biologische landbouw in Lelystad. Lelystad werd een voorbeeld voor boeren en tuinders in Nederland.
Een nieuw imago
De gemeente Lelystad gaf in 2008 aan dat Lelystad-Noord een nieuw imago zou moeten krijgen. In het plan van de gemeente toen pasten de grote biologische akkerbouwbedrijven niet meer.
Het toenmalige college koos voor een andere ontwikkeling. Er moest ruimte worden geboden aan kleinschalige initiatieven en diversiteit. Dit zou inhouden dat grootschalige, biologische akkerbouwbedrijven geen gerichte aandacht meer zouden krijgen.
(Bronnen: Appeltern, Omroep Flevoland, Boerderij)